De kwestie rond het gebruik en de import van kwik en Jin Chan in Suriname heeft dinsdag in De Nationale Assemblee (DNA) opnieuw aandacht gekregen. NDP-parlementariër Ebu Jones trok aan de bel over negentien in beslag genomen containers met kwik die volgens hem bij de Narcoticabrigade te Nieuwe Haven voor lekkage zorgen, waardoor politiepersoneel en gedetineerden aan kwikdamp zouden worden blootgesteld.
“En de mensen aldaar blootgesteld zijn aan kwikdamp. Zowel de gedetineerden als de mensen die daar werken”, zei de parlementariër. Hij wilde van de regering weten welke maatregelen er getroffen zullen worden om dit probleem te verhelpen. Minister van Justitie en Veiligheid ad interim Marinus Bee merkte op direct terug te zullen koppelen met de korpschef om dit na te trekken.
Jones benadrukte dat kwik een ‘leleku’ is in de Surinaamse samenleving. Hij wees op het smokkelgevaar van kwik vanuit buurland Guyana, waar het gebruik van het spul weliswaar verboden is, maar de import daarvan niet. “In Guyana is het gebruik van kwik verboden, maar tegelijkertijd is het wel toegestaan om kwik te importeren in Guyana. En als het in Guyana wordt geïmporteerd, maar dan niet daar mag worden gebruikt, dan waar denkt u dat het naar toe komt? Dus ik zou wel aan de regering willen vragen om dusdanig beleid te ontwikkelen en met hun counterpart in Guyana af te stemmen met betrekking tot het gevolg van het beleid aldaar”, aldus Jones.
Ondertussen heeft president Simons minister Andrew Baasaron van Economische Zaken, Ondernemerschap en Technologische Innovatie (EZOTI) opgedragen de import van Jin Chan met onmiddellijke ingang stop te zetten. De maatregel geldt tot nader order.
BEP-parlementariër Ronny Asabina vroeg de regering om duidelijkheid over het beleid. Hij merkte op dat de regering niet met een zigzagbeleid, maar met voorspelbaar en transparant beleid moet komen. “Nu hebben we begrepen dat het spul niet meer mag worden geïmporteerd. Tot voor kort zouden bepaalde gebieden gevrijwaard worden van het gebruik van de stof. Laat de regering duidelijkheid verschaffen. De mensen van het Boven-Saramacca-gebied voelen zich in de steek gelaten, want ze weten niet waar ze aan toe zijn”, aldus Asabina.